Eddy en Manon uit Roermond waren op zoek naar een jacht, maar vielen voor een historische sleepboot van bijna 100 jaar oud. Om die in originele staat terug te brengen, blijkt lastiger dan gedacht.
Het water kriebelde altijd al bij IT-er Eddy Mötter (55). Zijn halve familie werkte in de binnenvaart, vertelt hij, inclusief zijn vader. “We hadden vroeger een boot thuis en ik ben zo iemand die uren bij de sluis stond te kijken.” Dat er een boot moest komen, stond vast. Hij ging samen met zijn vrouw Manon op zoek naar een jacht, eigenlijk een dertien-in-een-dozijn-geval. Totdat hij op de foto van de motorsleepboot Odilo, gebouwd in 1927, stuitte.
Het was liefde op het eerste gezicht met de boot die toen nog de Proleet heette, vertelt Eddy. “Het was een foto uit 1950 van de boot en ik was verkocht.” Vanuit Friesland voeren ze in mei 2020 de boot naar Maasbracht, waar ze al een plekje bij jachthaven Van der Laan hadden gereserveerd. Die tocht was een avontuur. “Ik had al mijn vaarbewijzen, maar het is toch anders als je ineens 40 ton moet besturen. We lagen op een gegeven moment dwars in de sluis van Lemmer.”
Eenmaal in Limburg veranderden ze de naam naar de Odilo, naar het schip waar de vader van Eddy op werd geboren. De twee gebruikten de coronazomer om flink te varen en een plan te maken. Want het was meteen duidelijk voor ze: zij moest volledig in originele staat terug gebracht worden. “Zo’n boot heeft een eigen karakter, een ziel. Ze heeft in de oorlog nog hout vervoerd en geholpen bij de wederopbouw van Nederland. Dat moet terugkomen.”
Het was de bedoeling van het echtpaar om de boot open te stellen voor iedereen die interesse heeft in de historie of techniek van de boot, zodra de werkzaamheden klaar waren. Geleidelijk brachten Eddy en Manon alles terug naar de originele staat. Het knipperlicht, de schijnwerper, de dieptemeter, alle modernere apparatuur werd verwijderd. “Het is wat voorzichtiger varen, maar dit is wel het échte varen.”
Vorig jaar werd grotendeels gebruikt voor het inbouwen van een ‘nieuwe’ motor. Een originele motor vinden bleek lastig, maar Manon en Eddy vonden er eentje van Nederlandse makelij die ongeveer net zo oud was. Er moest alleen nog wat geverfd worden en de restauratie zou voor dat deel vrijwel klaar zijn, toen een keurmeester van de verzekeraar roet in het eten gooide. “Overal was de beplating goed, tot hij bij de achterkant kwam. Daar sloeg hij zo een gat door het plaatijzer.”
Dat moet gerepareerd worden en bleek een kostenpost van liefst 15.000 euro met zich mee. “Het staal is enorm duur dankzij Poetin en zijn oorlog in Oekraïne. En de kans dat we in aanmerking komen voor een Rijkssubsidie is heel klein.” Ze hebben daarom een crowdfunding-actie opgezet om de werkzaamheden te kunnen betalen. Rond januari gaan Manon en Eddy kijken wat de opbrengst is. “Als dat niet genoeg is, moet de Odilo wellicht naar de sloop of iemand moet er nog brood in zien. Dan is ons werk misschien voor niks geweest. Heel jammer maar het is helaas niet anders.”